Fabian
“Ik was voor het eerst in het Toon Hermans huis met mijn zus. Zij had me meegenomen. Mijn zus had ergens iets over het huis gelezen. De eerste keer was best wel emotioneel om daar te zijn. Ik was er liever niet. Totdat ik er weer terug kwam en met de jongerengroep kennismaakte en ging praten. Dat is nu een jaar geleden. Mijn zus gaat zelf niet. Zij woont in Amsterdam. Ze deed het voor mij.”

“Bij Tamar is het stil wanneer je wilt dat het stil is en kun je praten wanneer je iets wilt zeggen. Daarom heb ik haar gekozen om mee op de foto te gaan. Als je even niks wil zeggen, dan is dat goed en als je wel iets wilt zeggen, dan mag dat. Dat voelt gewoon heel vertrouwd. En dat vind ik heel bijzonder bij Tamar.

Tamar:
“Hoe het voor mij voelt om hier met Fabian te zijn? Ik vind het heel bijzonder. Het is sowieso heel bijzonder om in het huis voor mensen iets te kunnen betekenen. Het is vrijwilligerswerk, dat doe je omdat je het graag wilt doen. En het is heel mooi te kunnen doen.”

“Ik stel veel vragen, maar ook wat Fabian zegt, het gaat niet de hele tijd over “mijn moeder is ziek en hoe moeilijk dat is”. Ze hebben het ook over dat “stomme huiswerk” en “school dit”. Dat is ook fijn om te delen. Het is niet zo dat het alleen over het thema gaat of over de zieke ouder. De kracht is dat het er over mag gaan, de herkenning en daar hoef je niet eens perse veel voor te delen.”

Fabian:
“Het is ook fijn om het er even niet over te hebben, dat je van elkaar weet dat je over iets anders wilt praten, dat is ook eigenlijk herkenning. Niet alleen maar nieuwsgierigheid. Want dat is bij vrienden en klasgenoten vaak wel zo. Die vragen je vaak hoe het met je gaat en zo. Daar wordt je best moe van. Dan moet je er steeds weer over nadenken. Naast het praten en de activiteiten in de jongerenpit laat ik me ook af en toe masseren. Ook dat voelt vertrouwd en het helpt me ontspannen.”

Troostmuziek? Demons, van Imagine Dragons.